Meer maïs en minder gras voor Koeien en Kansen in 2025
De Koeien & Kansen-bedrijven realiseerden in 2025 gemiddeld een 0,9 ton droge stof (ds) per hectare lagere grasopbrengst dan in 2024. De maïsopbrengst steeg gemiddeld fors met ongeveer 1,5 ton ds/ha extra ten opzichte van 2024. Het overwegend droge voorjaar 2025 speelde bij hierbij een belangrijke rol. Al leidde grote regionale neerslagverschillen wel tot een sterk wisselend beeld bij de maïsopbrengst.
Warm en zonnig voorjaar
Het groeiseizoen van 2025 ging de boeken in als erg zonnig en warm. Het voorjaar begon, na een natte maand januari, op veel plekken erg droog, het was de op één na droogste lente sinds 1906. In april was de neerslaghoeveelheid zeer wisselend wat leidde tot grote verschillen in de maïsopbrengsten: het noordwesten van het land kreeg weinig neerslag zodat daar de droogte zijn tol eiste bij de begingroei van de maïs. Het oosten daarentegen kreeg in april juist veel neerslag, dat in combinatie met hoge temperaturen en veel zon juist tot hogere maïsopbrengsten leidde. De zomer was ook warm en aan de droge kant, het najaar was natter maar nog steeds warm en groeizaam.
Lagere grasopbrengst
Figuur 1 laat zien dat de gemiddelde grasopbrengst op de Koeien en Kansen-bedrijven in 2025 uitkwam op 10,8 ton ds/ha grasland. Dit is bijna 900 kg ds/ha lager dan in het voor grasland zeer groeizame jaar 2024. Daarmee ligt de gemiddelde opbrengst weer ongeveer op het niveau van 2023. Op de meeste bedrijven zorgde het droge voorjaar voor een lagere grasproductie.
De grootste daling was zichtbaar op de bedrijven 11 en 14, waar de grasopbrengst met ongeveer 3,5 ton ds/ha grasland afnam ten opzichte van 20214. Op het noordelijke bedrijf 11 bleef vooral de grasopbrengst bij de eerste snede achter als gevolg van droge voorjaar in het noordoosten. Daarnaast werd er op dit bedrijf ruim 50 kg N/ha minder kunstmest op het grasland gestrooid. Bedrijf 14 oogstte juist minder graskuil in de zomer dan in het uitzonderlijke jaar 2024 toen op dit bedrijf op jaarbasis nog bijna 15 ton ds/ha grasland werd gehaald. Het bemestingsniveau op bedrijf 14 was niet lager dan in 2024 zodat op dit bedrijf de lagere opbrengst vooral te verklaren is door de minder gunstige groeiomstandigheden.
Niet alle bedrijven realiseerden een lagere grasopbrengst. Bedrijf 10 vormde de grootste positieve uitschieter en oogstte in 2025 juist 2,7 ton ds per hectare meer gras dan een jaar eerder. Dit bedrijf heeft een groot aandeel kruidenrijk grasland, dat beter bestand is tegen droge omstandigheden dan regulier grasland. Daarnaast werd op dit biologische bedrijf ruim 10 ton meer dierlijke mest per hectare productiegrasland uitgereden dan in 2024.
Ondanks het droge voorjaar haalde ook bedrijf 1 ruim een ton ds/ha meer gras van het land. Dankzij de combinatie van een warme start van het groeiseizoen en voldoende bodemvocht uit de natte maand januari begon het gras hier vroeg te groeien. Daardoor kon een zwaardere eerste snede worden geoogst dan in het natte voorjaar van 2024. De maïs profiteerde op dit bedrijf juist minder van de warme omstandigheden. Omdat dit gewas later wordt ingezaaid, remde het vochttekort in het voorjaar de beginontwikkeling en daarmee de uiteindelijke opbrengst.

Figuur 1: Netto grasopbrengst productiegrasland (kg ds/ ha) op 15 Koeien & Kansen-bedrijven (incl. De Marke) in 2023-2025.
Stikstofopbrengst van productiegrasland toch hoger
Ondanks een lagere grasopbrengst haalden de Koeien en Kansen-bedrijven in 2025 gemiddeld toch 6 kg N/ha meer stikstof van het productiegrasland. Dit is vooral te danken aan een hoger ruw eiwitgehalte (RE) van het weidegras in 2025 ten opzichte van 2024. Lees hier: Ruw eiwit in rantsoen Koeien & Kansen stijgt in 2025. In 2025 werd gemiddeld 15 kg N/ha minder stikstof uit kunstmest op productiegrasland toegediend.. Omdat er ongeveer net zoveel meer stikstof uit dierlijke mest (bij mest uitrijden + beweiden) extra op het land terecht kwam, veranderde de stikstofgift totaal op productiegrasland in 2025 niet veel ten opzichte van 2024.

Figuur 2: Stikstofopbrengst (kg N/ ha) van productiegrasland op 15 Koeien & Kansen-bedrijven (incl. De Marke) in 2023-2025.
Hogere maïsopbrengst
Figuur 3 laat zien dat de gemiddelde maïsopbrengst op de Koeien & Kansen-bedrijven in 2025 uitkomt op ongeveer 18,1 ton droge stof/ha. Dit is circa 1,5 ton ds/ha meer dan in 2024 en voor het gemiddelde van Koeien & Kansen een recordopbrengst. Op veel bedrijven speelde de gunstige groeiomstandigheden in het voorjaar, warm, zonnig en voldoende vocht, hierbij een belangrijke rol. Daarnaast is op een aantal bedrijven tijdens de warme periode beregend, wat de groei verder heeft bevorderd. Op De Marke is de maïs in 2025 bijvoorbeeld drie keer beregend.
Op veel bedrijven lag de maïsopbrengst enkele tonnen ds per ha hoger dan in 2024, toen de gewassen te maken hadden met koude en natte juni en juli. In 2025 realiseerde bedrijf 9 daardoor een 6,6 ton ds/ha hogere maïsopbrengst dan het jaar ervoor. De gunstige groeiomstandigheden en 24 kg N/ha meer kunstmest strooien dan in 2024 leidde op dit bedrijf tot de hoge maïsopbrengst van 22,5 ton ds/ha. Deze opbrengst kwam daarmee weer dichter in de buurt van de zeer hoge maïsopbrengst van 2023 op bedrijf 9.
De bedrijven 1 en 11 kregen in het voorjaar minder neerslag dan veel andere bedrijven. Hierdoor had de maïs op deze bedrijven een drogere en moeizamere start van het groeiseizoen dan op de andere bedrijven. Dit vertaalde zich op de bedrijven 1 en 11 in een maïsopbrengst die respectievelijk 5,7 en 3,8 ton ds/ha lager was dan in 2024.
De maïsopbrengsten die in dit artikel worden weergegeven zijn opbrengsten van snijmaïs. Naast snijmaïs telen een aantal bedrijven ook MKS (zoals de bedrijven 2, 7 en De Marke). De opbrengst van de MKS percelen is bij de gewasopbrengsten van snijmaïs niet meegenomen.

Figuur 3: Netto maisopbrengst (kg ds/ ha) op 15 Koeien & Kansen-bedrijven (incl. De Marke) in 2023-2025.