Handreiking BEX 2026 is gepubliceerd
Het ministerie van LVVN heeft de Handreiking Bedrijfsspecifieke Excretie (BEX 2026) vastgesteld. Deze handreiking staat vanaf nu op de website van RVO. Door gebruik te maken van BEX kunnen melkveebedrijven nauwkeurig bepalen hoeveel fosfaat en stikstof zij via de mest produceren (excretie), gebaseerd op bedrijfsspecifieke gegevens.
Met de Handreiking BEX kunnen de melkveehouders de werkelijke excretie van stikstof en fosfaat op hun bedrijf berekenen. Deze berekening kan afwijken van de geldende forfaitaire excretienormen van melkvee uit de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet. Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) en de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) houden rekening met de bedrijfsspecifieke excretie bij de uitvoering en controle van de stelsels van gebruiksnormen, de mestverwerkingsplicht en de verantwoorde groei van de melkveehouderij. De veehouder moet in staat zijn om zijn ingevoerde gegevens te onderbouwen.
De Handreiking BEX kan niet worden gebruikt in het kader van het fosfaatrechtenstelsel, daar moet gerekend worden met de forfaitaire fosfaatexcretienormen.
De BEX 2026 maakt onderdeel uit van de KringloopWijzer om de voeropname en de mestproductie te berekenen. De nieuwe Handreiking BEX 2026 staat nu online bij RVO:
De Handreiking BEX is ook direct te downloaden van de RVO-site via deze link:
De software om de Handreiking BEX toe te passen (excretiewijzer) is te downloaden via deze link:
Belangrijkste aanpassingen
De belangrijkste aanpassingen in de versie van 2026:
- De emissiefactor voor ammoniak van de stal met het typeaanduiding HA1.35, is aangepast van 8,4 naar 6,0 kg NH3 per dierplaats. Dit betreft een ligboxenstal met urineopvangstation voor melk- en kalfkoeien.
- De parameters om de veestapel te beschrijven zijn geactualiseerd. Hierbij gaat het om vervangingspercentage, aandeel droge koeien, aantal kalveren per koe, aantal kalveren per pink, aandeel 1e, 2e, 3e en 4e kalfs koeien, afkalfleeftijd vaarzen op 25 maand.
- Van een aantal voederproducten zijn verteringscoëfficiënten ruw eiwit toegevoegd. Dit betreft erwtenkuil, sorghumkuil en zonnebloemenkuil. Daarnaast is de verteringscoëfficiënt ruw eiwit van een aantal producten geactualiseerd aan waarden van CVB Veevoedertabel 2023. Dit betekent dat in rantsoenen waarin deze voedermiddelen aanwezig zijn, de stikstofexcretie nu beter ingeschat wordt dan voorheen.
- De grasopname bij de combinatie van melken met een automatisch melksysteem (AMS) en weidegang is licht verlaagd. Bij beperkt weiden is de opname van weidegras nu 75% van de opname bij conventioneel melken. Bij onbeperkt weiden is de opname van weidegras nu 85% van de opname bij conventioneel melken.
- Het gewicht van de melkkoeien (melkgevende en droogstaande) is verhoogd en de groeicurve van jongvee is geactualiseerd.
- De oude VEM-behoeftenormen zijn vervangen door de nieuwe VEM2022-behoeftenormen voor melkvee.
Met name de laatste twee aanpassingen kunnen significante gevolgen hebben voor netto stikstof- en fosfaatexcretie. Gemiddeld zal deze ongeveer een procent stijgen.
Daarnaast is een flink aantal aanpassingen en verduidelijkingen doorgevoerd in bijlage 2 van de handreiking: ‘Protocol voor bemonstering, partijmeting en analyse’. Deze aanpassingen sluiten beter aan bij de praktijk en hebben geen invloed op de berekeningen.

Over de KringloopWijzer
De KringloopWijzer geeft de melkveehouder inzicht in zijn milieu- en klimaatprestaties op zijn bedrijf, waardoor hij/zij nog beter kan sturen op de benutting van mineralen. De rekenregels van deze tool zijn wetenschappelijk onderbouwd en de ontwikkeling ervan wordt gefinancierd door het ministerie van LNV en ZuivelNL. Het beheer van de Centrale Database van de KringloopWijzer ligt bij ZuivelNL.